COVID-19: Herziening opcentiemen op de onroerende voorheffing (OOV) (20/04/2020)

COVID-19: Herziening opcentiemen op de onroerende voorheffing (OOV) (20/04/2020)

Datum: dinsdag 21 april 2020

Author(s): Agentschap Binnenlands Bestuur,Redactie FinConnect

1.Nieuwsbriefbericht ABB dd. 20/04/2020

 

De gemeenten kunnen hun opcentiemen op de onroerende voorheffing (OOV) voor het aanslagjaar 2020 nog herzien. Daarmee kunnen ze fiscaal tegemoetkomen aan belastingplichtigen of bepaalde categorieën van belastingplichtigen die het financieel moeilijk hebben door de coronacrisis. 

De gemeenten die van die mogelijkheid gebruik willen maken, stellen een nieuw reglement vast tegen uiterlijk 20 mei en maken dit uiterlijk op 31 mei elektronisch over aan de Vlaamse Belastingdienst. Ze maken daarvoor gebruik van het digitale loket voor lokale besturen. 

Voor de berekening van de voorschotten, mailt de gemeente een raming van de ontvangsten, die ze verwacht uit het vastgestelde nieuwe tarief, naar gemeentenvlabel@vlaanderen.be. Een aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 is niet vereist.

De gemeenten die hun opcentiemen willen differentiëren, houden rekening met de procedure en de adviestermijnen in artikel 3.1.0.0.6 van het Besluit Vlaamse Codex Fiscaliteit. 

Meer info vind je hier

2.Bijkomende informatie (aangevuld door de redactie van FinConnect)

 

2.1.Informatie van de website vlaanderen.be, waarnaar wordt verwezen in de laatste regel van 1. Nieuwsbericht ABB dd. 20/04/2020

 

Onroerende voorheffing

Coronacrisis: aanvullende termijn om opcentiemen onroerende voorheffing aan te passen

 

De Vlaamse Regering laat via een decretale wijziging de gemeenten uitzonderlijk toe om nog wijzigingen aan de opcentiemen onroerende voorheffing voor aanslagjaar 2020 aan te brengen. Op die manier krijgen de gemeenten een extra instrument om de gevolgen van de coronacrisis te helpen milderen.

Termijnen en deadlines

Gemeentebesturen krijgen uitzonderlijk de mogelijkheid om hun opcentiemen voor onroerende voorheffing aan te passen.

Dat betekent concreet:

  • De gemeente trekt het oorspronkelijke besluit tot vaststelling van de opcentiemen onroerende voorheffing in en vervangt het uiterlijk op 20 mei door een nieuw gemeenteraadsbesluit.
  • De gemeente deelt het nieuwe besluit uiterlijk op 31 mei mee aan de Vlaamse Belastingdienst. De mededeling gebeurt elektronisch via het digitaal Loket Lokale Besturen(opent in nieuw venster). Gebruik daarbij de code MAR7300-opcentiemen op de onroerende voorheffing.

 

Impact op de inning van de onroerende voorheffing

Door een bijkomende termijn voor wijziging van de opcentiemen toe te staan, verschuift de volledige inningsprocedure. De Vlaamse Belastingdienst kan ten vroegste eind juni starten met de inkohiering van de onroerende voorheffing, terwijl dat gewoonlijk al eind april, begin mei is.

Voor alle gemeenten blijft de huidige voorschottenregeling gelden en zal de Vlaamse Overheid de latere inning dus voorfinancieren.

 

Differentiëring van opcentiemen

De regels voor differentiëring blijven onverminderd gelden. Die omvatten enerzijds inhoudelijke richtlijnen voor mogelijke types differentiatie en anderzijds afspraken voor de adviesprocedure.

De adviesprocedure bij de Vlaamse Belastingdienst moet absoluut gerespecteerd worden. Alleen zo kan de technische uitvoerbaarheid gegarandeerd worden en bewaakt worden dat voor elk perceel maar één mogelijk tarief van opcentiemen van toepassing kan zijn.

Daarnaast moeten deze gemeenten ook een aangepast bedrag van hun begrotingsraming voor de ontvangsten uit de onroerende voorheffing doorgeven, om de voorschotten correct te kunnen berekenen. Die begrotingsraming moet meegedeeld worden via gemeentenvlabel@vlaanderen.be(opent in uw e-mail applicatie).

 

3.Art. 3.1.0.0.6 Besluit Vlaamse Codex Fiscaliteit

 

[ § 1. Het voorstel van een gemeenteraadsbesluit dat vrijstellingen, verminderingen of differentiëring van de gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing vaststelt en de motiveringsnota, vermeld in artikel 41, derde lid, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, worden schriftelijk ingediend bij de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie.

Bij de documenten, vermeld in het eerste lid, wordt een formulier gevoegd dat de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie ter beschikking stelt en dat de volgende gegevens bevat:

1° de naam en het adres van een contactpersoon van de gemeente;

2° een voorstel van criteria om vrijstellingen van, verminderingen op of een differentiëring van de gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing toe te passen;

3° de waarden van de criteria, vermeld in punt 2°, die de vrijstelling, vermindering of differentiëring bepalen en de toe te passen opcentiemen die daarmee overeenstemmen.

De gemeente duidt op het formulier, vermeld in het tweede lid, aan welke toepassing zij verkiest:

1° de toepassing van criteria die door de gemeente worden gekozen uit een lijst van criteria die de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie voorstelt op het formulier, vermeld in het tweede lid, en op basis waarvan de vrijstelling, vermindering of differentiëring met zekerheid kan worden toegepast;

2° de toepassing van andere criteria, voorgesteld door de gemeente, waarvoor de gemeente door middel van een bijlage bij het formulier, vermeld in het tweede lid, een overzicht aanlevert van de perceelcodes van de onroerende goederen waarvoor de vrijstellingen, verminderingen of differentiëring zouden moeten worden toegepast. De lijst met perceelcodes en de toe te passen opcentiemen die daarmee overeenstemmen wordt door de gemeente op een gestandaardiseerde wijze per elektronische informatiedrager aangeleverd op een formulier dat de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie ter beschikking stelt;

3° de toepassing van andere criteria, voorgesteld door de gemeente.

In deze paragraaf wordt verstaan onder perceelcode: de code die de diensten van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie toekennen aan een perceel en die bestaat uit cijfers en letters die een afdeling, een sectie, een grondnummer, een letterexponent, een cijferexponent, een bisnummer en een partitienummer aanduiden.

§ 2. De bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie onderzoekt of het voorstel en het dossier, vermeld in paragraaf 1, volledig en conform artikel 41, derde lid, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur zijn.

Als het formulier, vermeld in paragraaf 1, tweede lid, onvolledig of niet conform wordt bevonden of de gevraagde perceelgegevens, vermeld in paragraaf 1, derde lid, 2°, niet in het juiste formaat worden aangeleverd, brengt ze de gemeente daarvan op de hoogte binnen de vijftien kalenderdagen na de ontvangst van het formulier, met vermelding van de ontbrekende of onjuiste gegevens.

§ 3. De bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie bezorgt het advies over de technische uitvoerbaarheid, vermeld in artikel 41, derde lid, 3°, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, aan de gemeente binnen de volgende termijn volgend op de ontvangst van het volledige en conforme dossier:

1° een maand, als het voorstel van de gemeente beperkt is tot de mogelijkheden, vermeld in paragraaf 1, derde lid, 1° of 2° ;

2° drie maanden, als het voorstel van de gemeente criteria bevat als vermeld in paragraaf 1, derde lid, 3°. ]

 

(Ingevoegd B.Vl.Reg. 30.11.2018 - art. 9 - B.S. 19.12.2018)