FinConnect is een online bibliotheek van Vanden Broele

Slim werken met AI: de winst ligt voor het grijpen

Voor veel mensen betekent artificiële intelligentie vandaag vooral ChatGPT en Copilot. “Daar kun je van alles mee,” zegt Kees, “zowel thuis als zakelijk.” Uit een recent onderzoek van OpenAI blijkt dat ongeveer 800 miljoen mensen ChatGPT gebruiken. “Maar liefst 70 procent doet dat privé en slechts 30 procent zet het ook in voor zakelijke doeleinden,” licht hij toe.
Volgens Kees liggen er nochtans heel wat kansen om AI professioneel in te zetten, ook binnen de lokale overheid. “Een van de meest logische toepassingen? Laat het teksten voor je samenvatten of gesprekken opnemen. Zo kun je vergaderstukken voor de gemeenteraad snel laten samenvatten of gesprekken tussen ambtenaren en burgers registreren.” Maar de mogelijkheden reiken verder. “AI kan je helpen bij het opstellen van contracten of besluiten. Dat wordt al wat spannender, omdat je vaak met privacygevoelige informatie werkt.”

Vijf redenen tot voorzichtigheid

Toch plaatst hij een duidelijke kanttekening. “Voor puur tekstgebaseerde taken, zoals samenvatten of een document bevragen, hoef je je geen zorgen te maken. Daar werken de modellen uitstekend. Maar zodra je feitenvragen begint te stellen, bijvoorbeeld wanneer je een plan wil maken voor de vernieuwing van het centrum, dan zijn de huidige modellen nog niet betrouwbaar genoeg. Ze kunnen je helpen, maar je moet altijd alert blijven voor fouten.”

Het professionele gebruik van generatieve AI blijft achter, en volgens Kees is dat goed te verklaren. “Er zijn meerdere factoren,” zegt hij. “Ik zie vijf duidelijke redenen waarom mensen ervoor kiezen om generatieve AI niet in te zetten in hun werk. Ten eerste: het hallucineert. Het verzint feiten die er niet zijn. Als je niet alert bent, neem je die foutieve informatie zomaar mee in je werk.” Vervolgens wijst hij op bias. “Heel wat modellen zijn getraind met teksten uit de vorige eeuw, vaak geschreven door blanke mannen van middelbare leeftijd. Afhankelijk van waarvoor je AI gebruikt, kan dat een merkbare invloed hebben op de resultaten.” Ook de neiging van AI om gebruikers te pleasen noemt hij een valkuil. “Het geeft antwoorden die prettig klinken, maar niet noodzakelijk correct of kritisch genoeg zijn.” Daarnaast wijst hij op de censuur die ingebouwd zit in taalmodellen. “Bepaalde onderwerpen of formuleringen worden bewust afgevlakt of vermeden en dat beperkt de bruikbaarheid.” Tot slot komt Kees bij een kwestie die volgens hem in Nederland nog sterk speelt. “Wat gebeurt er eigenlijk met onze data? Bedrijven kunnen wel zeggen dat die gegevens niet worden gebruikt om de modellen te verbeteren, maar klopt dat wel? Uit Europese onderzoeken blijkt bijvoorbeeld dat Microsoft bij het gebruik van Copilot data doorstuurt naar een taalmodel en logbestanden aanmaakt. Het is nog altijd onduidelijk wat er verder met die informatie gebeurt. In Vlaanderen lijkt die bezorgdheid minder groot, maar hier in Nederland speelt ze nog fel.”

België durft, Nederland twijfelt

We denken vaak dat Nederland voorloopt op België, maar volgens Kees klopt dat beeld niet helemaal. “Jullie hoeven je nergens voor te schamen hoor,” lacht hij hartelijk. “Wanneer ik een lezing in Nederland geef, merk ik dat er een groep mensen enthousiast voorop loopt. Daarnaast is er een grote middenmoot die wel nieuwsgierig is, maar nog niet goed weet wat ermee aan te vangen. En dan is er ook nog een groepje dat ChatGPT zelfs nog nooit heeft gezien. In België zie ik precies hetzelfde patroon.” Toch benadrukt hij dat de Belgische aanpak hem positief verrast. “Ik ga zelfs meer zeggen: ik heb het gevoel dat de Belgische benadering beter is dan de Nederlandse. Ik kijk vol bewondering naar wat Digitaal Vlaanderen doet en publiceert. Dat ziet er ongelofelijk goed uit, beter dan wat ik in Nederland zie bewegen.” Volgens Kees zijn Belgen veel doortastender en kiezen ze vaker voor een toegepaste aanpak. “In Nederland blijven we nog te veel hangen in angst en schrik om fouten te maken. Gemeenten en ook financiële afdelingen moeten durven experimenteren met AI. Fouten maken hoort daarbij. Daar lijken jullie veel minder schrik voor te hebben dan wij.”

AI-geletterdheid: meer dan een cursusje

Kees is ervan overtuigd dat er verder moet worden ingezet op AI-geletterdheid. “Mensen moeten zich bewust worden van de mogelijkheden van AI én van de mogelijke valkuilen,” benadrukt hij. “Alleen dan kan het op grotere schaal efficiënt gebruikt worden.” Om dat belang te illustreren haalt hij een praktijkvoorbeeld aan. “Onlangs had een advocaat ChatGPT gebruikt voor zijn pleidooi in de rechtbank. Hij verwees daarin naar allerlei uitspraken die helemaal niet bestonden. Je kunt je voorstellen dat die persoon met pek en veren de rechtbank werd uitgedragen. Om dat soort cruciale fouten te vermijden, is het belangrijk om mensen goed op te leiden.” Voor Kees betekent opleiden echter veel meer dan een korte digitale cursus. “Maak je er als organisatie niet zo gemakkelijk vanaf,” zegt hij resoluut. “Ik geloof niet dat een digitale opleiding van een half uurtje ervoor zorgt dat mensen AI echt gaan gebruiken. Ik ben een grote believer van de train-the-trainer aanpak. Leid enkele mensen in je organisatie grondig op, zodat zij hun collega’s verder kunnen begeleiden. Dat is veel praktischer dan een algemene online cursus. Die zijn vaak te algemeen, niet gericht op de praktijk en maken mensen niet blij. Dergelijke cursussen vind ik persoonlijk weggesmeten geld.”

Potentiële gamechanger in de jeugdzorg

Welke projecten maakten echt indruk op Kees? “Dat valt eigenlijk best tegen,” zegt hij eerlijk. “Grote steden zoals Amsterdam en Den Haag – bij jullie vergelijkbaar met Antwerpen – nemen wel het voortouw. Maar meestal gaat het om toepassingen zoals nummerplaatherkenning of het signaleren van foutparkeren. Handig en praktisch, maar niet bepaald high level.”

Waar hij wél een echte doorbraak ziet, is in de Nederlandse jeugdzorg. “Twintig jaar geleden kwam 1 op de 25 jongeren ermee in aanraking. Vandaag is dat 1 op 7. En dan heb ik het over de brede jeugdzorg, van eenvoudige weerbaarheidstrainingen tot suïcide, helaas de grootste doodsoorzaak onder Nederlandse jongeren. Hoe waardevol zou het zijn als we met AI kunnen voorspellen welke jongeren mogelijk hulp nodig hebben, en welke factoren daarbij een rol spelen? Dát is een groot, ambitieus project met enorme maatschappelijke impact. Ik volg de ontwikkelingen op dat vlak met bijzonder veel interesse.”

AI als steunpilaar voor financiële diensten

Kees ziet tal van mogelijkheden om kunstmatige intelligentie te integreren in de werking van financiële diensten. “Zodra je het onder de knie hebt, bespaar je er gigantisch veel tijd mee,” benadrukt hij. “De huidige modellen zijn intussen niet alleen sterk in taalkundige taken, maar ook in wiskundige toepassingen. Grafieken genereren, jaarverslagen analyseren; AI doet dat vaak sneller en nauwkeuriger dan wijzelf. Denk aan het opstellen van een jaarrekening of het uitwerken van scenario’s om toekomstige uitgaven te voorspellen: voor al dat soort taken kun je AI perfect inschakelen.”

Hij wijst erop dat veel besturen de afgelopen periode bezig waren met het vernieuwen van retributie- en belastingreglementen. “Ook daar kan AI een ondersteunende rol spelen,” legt hij uit. “Het schrijven van brieven, het opstellen van mails, het nakijken en controleren van contracten, dat zijn allemaal taken die binnen het bereik van AI liggen. Als dit tot je dagelijkse werk behoort, raad ik je echt aan om je te verdiepen in de mogelijkheden. Je zal merken dat, zolang je rekening houdt met de eerder benoemde risico’s, AI je enorm kan helpen in je dagelijkse werking.”

Van Copilot tit GEITje: Kees over vertrouwen in AI

De Vlaamse overheid sloot recent een groot contract af met Copilot. Maar is dat ook de generatieve AI die Kees zelf zou aanraden? Hij lacht hartelijk: “Ik ben en blijf een Nederlander. Copilot is verbonden met jouw data en daarin zie ik toch een gevaar. Uiteraard brengt die koppeling voordelen met zich mee, maar ik hou er niet van dat de verbondenheid met je eigen data geen eigen keuze is. Bij ChatGPT is dat wél het geval.”

Volgens Kees is er nog een ander verschil. “Copilot is onder de motorkap eigenlijk gewoon ChatGPT, maar dan altijd een iets oudere versie. Werk je rechtstreeks met ChatGPT, dan werk je met de meest recente versie.” Zelf probeert hij verschillende modellen uit. “Ik gebruik ze allemaal: Claude, Mistral en anderen. Maar ik merk dat ik toch het vaakst terugval op ChatGPT. Dat werkt gewoon het allerbeste.”

In Nederland leeft de droom om los te komen van de grote spelers in Big Tech. “Zoals ik al zei, bestaat er bij ons wel wat angst over hoe die bedrijven omgaan met onze data,” legt Kees uit. “Daarom willen we evolueren naar kleinere AI-taalmodellen die we op onze eigen servers kunnen laten draaien, zonder dat ze verbonden zijn met de bekende internationale spelers.”

Kees is ervan overtuigd dat zo’n ontwikkeling het gebruik van generatieve AI alleen maar zal doen toenemen. “Ik begrijp dat sommige financiële diensten nog terughoudend zijn om met AI te werken, zeker wanneer ze te maken hebben met heel specifieke of privacygevoelige informatie. Kleine, gespecialiseerde modellen kunnen die schroom wegnemen.” Hij wijst daarbij naar Vlaanderen. “Daar is Bram Vanroy volop mee bezig. Hij ontwikkelde al AI-taalmodellen zoals GEITje en Fietje. Ik volg met veel interesse hoe dat verder evolueert. Geloof me: in de toekomst gaan we alleen nog maar meer met AI werken!”

Deel deze update via LinkedIn
Deel deze update via Facebook
Deel deze update via Twitter
Deel deze update via e-mail

Al onze nieuwsberichten in jouw mailbox?

Schrijf je in op onze gratis nieuwsbrief en blijf op de hoogte van nieuwe regelgeving, relevante actualiteit, niet te missen opleidingen en studiedagen, ...